bio

10648403_10153195637347575_8948032298229872078_o

English version: here

Lies Van Gasse

(België, 1983)

Lies Van Gasse debuteerde in 2008 met de bundel Hetzelfde gedicht steeds weer, die meteen de aandacht trok van lezers en critici. Van Gasse volgde een kunstopleiding en werkt vaak samen met anderen in kunst- en poëzieprojecten, zoals in Waterdicht, waarin ze een tekst geschreven door dichter Peter Theunynck illustreert. Recent maakte ze ook tekeningen bij het gedicht ‘Exodus’ van Hugues C. Pernath. Ze creëert ook haar eigen combinaties van tekst en beeld in wat ze als ‘graphic poems’ benoemt; in Sylvia strooit ze haar verzen bij, over en tussen tekeningen in dikke, zwarte inkt. Ondertussen maakte ze ook de ‘graphic novel’, Nel, een zot geweld, waarin het verhaal van Nel, muze, model en vrouw van de schilder Rik Wouters wordt verbeeld.

Met Annemarie Estor ontwikkelde Van Gasse een project gebaseerd op het verhaal van Kaspar Hauser, waaraan ze werkten van 2009 tot 2013, en dat ze voorzagen van nieuwe verhaallijnen en een nieuw format, verrijkt met kleurrijke illustraties. Als deel van hun samenwerking schreven Van Gasse en Estor elkaar elke week een postkaart waarop ze een nieuwe strofe noteerden. Ze nodigden ook andere schrijvers uit om een bijdrage te leveren aan het nooit eindigende verhaal. Het project werd gepubliceerd als Het boek Hauser. Voor haar cross-mediale werk ontving Lies Van Gasse in 2016 de Dirk Martens-prijs.

Van Gasses bundel Wenteling was een belangrijke stap in haar dichterlijke ontwikkeling. De bundel werd overigens ook genomineerd voor de Hugues C. Pernath-prijs. De term “wenteling” heeft in het Nederlands een hele set connotaties, van een “een draaiende beweging”, via “revolutie” tot “overgave”, “genieten” en “zich wentelen in.” De bundel beschrijft een dag die verschillend ervaren wordt in de percepties van verschillende sprekers. Die bevinden opgesloten in double bindsen verlammende impasses: wanneer ze voorwaarts bewegen, botsen ze tegen muren; wanneer ze achterwaarts willen bewegen, realiseren ze zich dat dat onmogelijk is.

De cirkel is dan ook een van de dominante, meest frequent herhaalde beelden in deze bundel, zelfs op het formele vlak. De constructie van cycli, en van de bundel als geheel, is  een van de primaire structurerende principes die aan de basis liggen van haar schriftuur. Lies Van Gasse combineert veeleer gedichten tot systemen die samen gehouden worden door thematische herhalingen en ritmische en muzikale patronen, dan dat ze afzonderlijke, individuele gedichten componeert. Ze karakteriseert Wentelingzelf als “een muziekstuk waarin thema’s tot een compositie worden gemaakt, met fraaie improvisaties of variaties hier en daar.”

Strijd is het belangrijkste onderwerp in de meeste gedichten van Wenteling, of het nu de strijd is van twee mensen in een relatie, de strijd van een individu om een zelfbeeld te ontwerpen in relatie tot geïdealiseerde beelden, dromen en verlangens van anderen of de strijd van de dichter met het witte papier. Een gevoel van verlies, moeilijk te helen, sluimert in elk gedicht, alhoewel soms ironie en humor deze melancholische toon verzachten. Peter Theunynck, co-auteur van Waterdicht, observeert: “Wentelingis een overweldigende, slim geformuleerde bundel die veel vragen aan de lezer overlaat. De bundel intrigeert van de eerste tot de laatste strofe en dwingt lezer tot lezen en herlezen.”

In haar meest recente en ook weer bijzonder lovend ontvangen bundel Wassende stad wordt het boven beschreven structuurprincipe verder uitgewerkt. De gedichten schikken zich bereidwillig in cycli en afdelingen, maar tonen toch ook weer een sterke interne samenhang. De bundel neemt de stad in al haar kwaliteiten, positieve zowel als negatieve, tot onderwerp. Deze urbane thematiek is erg actueel en biedt bovendien de mogelijkheid om onderhuids aan maatschappijkritiek te doen. Hoewel die boodschap nergens schreeuwerig wordt uitgedragen, verschijnt de stad in deze bundel als een aantrekkelijk baken dat soms een plek van onheil wordt wanneer wanorde en chaos het overnemen. Op die manier schetst Lies Van Gasse “hoe opbouw ontaardt in ondergang die echter weer voorwaarde is voor heropbouw. Zoals het leven zelf.” © Patrick Peeters

 

 

De vroegere werken van Lies kan je hier en hier bekijken.

Mail Lies op liesvangasse@gmail.com


Foto op 5-02-15 om 15.07
10964936_10204745121379577_1995493653_o DSCN1248

 

Lies Van Gasse made her debut in 2008 with the collection Hetzelfde gedicht steeds weer (The Same Poem Over and Over Again), which immediately captured the attention of readers and critics. Trained as an artist, Van Gasse often collaborates on art and poetry projects, such as Waterdicht(Waterproof), in which she illustrates a text written by poet Peter Theunynck. She also creates her own combinations of text and image, in what she calls “graphic poems;” in Sylvia, she disperses her verses with, over and in between drawings made with thick, black ink.

With Annemarie Estor, Van Gasse developed a  project based on the story of Kaspar Hauser, which they worked on between 2009-2013 and spun with new twists and a new format, enriched with colorful illustrations. As part of their collaborative procedure, each week Estor and Van Gasse wrote a postcard to each other on which they wrote a new stanza. They also invited other writers to contribute to the ever-evolving story. The project has been collected and published as The Book of Hauser.

Van Gasse’s most recent poetry collection is Wenteling(Revolution). In Dutch, “wenteling” has a whole set of connotations, from “a turning motion,” via “revolution,” to “surrender,” “enjoy” and “revel in.” The volume describes one day that is perceived differently in the minds of various speakers. The speakers find themselves locked in double binds and paralyzing impasses: when they move forward, they stumble upon walls; when they want to move backward, they realize that it is impossible.

The circle, then, is one of the dominant, most frequently repeated images in this collection, which is evident even on a formal level. The poem cycle, and the collection-as-whole, is one of the primary structuring principles underlying Van Gasse’s writing. Rather than composing separate, individual poems, Van Gasse often combines poems into systems held together by repeated themes and rhythmic musical language. She has characterized Wenteling as a “a piece of music in which themes are built into a composition, with nice improvisations or variations here and there.”

Struggle is the main subject of most poems in Wenteling, whether it is the struggle between two people in a relationship; the struggle of an individual to establish a self in relation to idealized images, dreams and desires of others; or the struggle of the poet with the pen and blank paper. A sense of loss, difficult to heal, looms in every poem, although sometimes irony and humor soften this melancholic tone. Theunynck, author of Waterdicht, observes, “Wenteling is an oppressing, cleverly formulated collection that leaves a lot of questions to the reader. It intrigues from the first until last stanza and forces readers to read over and over again.”

© Patrick Peeters